NA RUTTE ABOUTALEB? HOE MOOI ZOU DAT ZIJN

“Wil je gastheer zijn bij het Laurentiusdiner?”, wordt me een paar weken geleden gevraagd. Ik ken het initiatief niet en informeer naar hoe en wat. Het blijkt een stijlvol driegangen-menu in de Laurenskerk voor rafelranders als de regelmatige bezoekers (overdag en ’s nachts) van Het Hefpark waar ik werk. Dresscode voor de gastheren: zwarte broek, wit overhemd en zwarte schoenen. Het hangt allemaal nog in mijn kast, onderdeel van het tenue waarmee ik ooit in Het Rottes Mannenkoor zong.

Het was een geweldige avond. Met collega-gastheer Edmond leg ik acht tafelgenoten in de watten. Ze eten voor zestien, vertellen geanimeerd over van allerlei. Ook over zichzelf. Aan tafel eters die rond moeten komen van alleen hun AOW, en vaste klanten van de Pauluskerk. Onder die laatsten Jan, gehuld in veel lagen kleren. Tuinhandschoenen met ducktape vastgemaakt aan zijn buitenste mouw. Ik volg geamuseerd hoe hij met zijn linker handschoen lepel na lepel vol schuift en geniet. Als Jan er is, dan is ie hij er ook helemaal.

Maar wat me het meest treft is het verhaal waarmee burgemeester Aboutaleb het diner opent. Geen toespraak maar een verhaal. Zoals Aboutaleb dat zo goed kan. Hij verweeft de armoede in zijn jeugd met een recent bezoek aan Colombia. Daar ziet hij de 40 miljoen inwoners anderhalf miljoen verarmde Venezolaanse vluchtelingen opvangen, voeden en hun kinderen onderwijs geven. Dan schakelt de burgemeester door naar een verhaallijn over een Rotterdamse vrouw in psychische problemen. De instituties werken niet zoals zou moeten. Haar man benadert Aboutaleb voor een oplossing. Die komt er. Jaren later ontmoet de burgemeester de echtgenoot, hij blijkt een van de rijkste Rotterdammers. In het verhaal wordt dit voorval de metafoor voor tegenslag die ons allemaal kan overkomen, ongeacht afkomst, bezit of status. Het voelt als een hart onder de riem voor de aanwezigen. Aboutaleb eindigt met de sociaal-democraat Jan Tinbergen die in 1969 de Nobelprijs voor economie ontving. Staand naast het preekgestoelte van de Laurenskerk vat de spreker Tinbergen’s theorie meesterlijk samen: “Vermenigvuldigen is delen”. Na een korte stilte herhaalt Aboutaleb zichzelf: “Vermenigvuldigen is delen”.

Hier staat een burgemeester die de juiste snaar weet te raken. Van mij mag hij zich kandidaat stellen voor het volgend premierschap. Ahmed als opvolger van Mark. Na drie kabinetten Rutte een premier die weet te verbinden en harten kan beroeren. Hoe mooi zou dat zijn.

Dit bericht is geplaatst in Opinie, PvdA, Rotterdam, Werk met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie