SLOTAKKOORD GALMT VOORUIT

Routineus meld ik me vanochtend bij de afdeling oncologie voor de start van mijn vijfde chemokuur. Het infuus is aangesloten, de chemo druppelt langzaam mijn ader in. Ben er drie uur mee zoet. Rondom zitten en liggen lotgenoten, de sfeer in het zaaltje van de dagbehandeling is ontspannen. Het personeel erg aardig en attent.

Mijn indruk is dat de bijwerkingen cumulatief zijn, iedere chemoronde manifesteren ze zich indringender. Overigens zonder heel erg tot last te zijn. De eerste dagen van de kuur zal ik weer koude voorwerpen moeten mijden en met handschoenen aan op de fiets. Een neurologische reactie zorgt anders voor tintelingen in mijn handen. Die gevoeligheid neemt per kuur toe.

Op mijn armen en benen verschijnen rood-paarse vlekjes. Ze verdwijnen zoals ze komen, snel. Vlekken die ik voor het slapen nog zie, kunnen bij het ontwaken verdwenen zijn. De komende dagen -weet ik nu al – sta ik wat wankel op mijn voeten (alsof ik op kussentjes loop met een lijf dat sneller vooruit wil dan mijn benen aankunnen). De eerste dagen ga ik me gammel en snel vermoeid voelen. Maar dat is na een week voorbij en eigenlijk voel ik me dan als een jaar geleden. Lang leve de chemo, wonderspul. Gisteren heerlijk gewandeld op een Walchers strand.

Afgelopen weken hadden mevrouw en meneer Omta ook verdrietige dagen. Het onvermijdelijke slotakkoord van mijn kanker-queeste wordt gespeeld door Magere Hein. Dat besef daalde met regelmaat in tussen onze oren en in onze gesprekken. En dat waren tranenrijke momenten. We weten het al een paar maanden maar blijkbaar heeft een aangekondigde dood tijd nodig om goed te landen. We hebben ons herpakt. Gelukkig op een manier die ruimte laat voor verdriet en soms angst voor wat nog komen gaat.

Dit bericht is geplaatst in Privé met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie